Cultuurhuizen
In Brussel kunnen cultuurliefhebbers elke dag opnieuw hun hart ophalen. En wie cultuur zegt, kan niet om een aantal grote, Belgische instituten heen. Zo vinden we in het Jubelparkmuseum – onderdeel van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis – een erg verscheiden collectie, van objecten uit de Egyptische beschaving over middeleeuwse retabels en wandtapijten, tot pre-Columbiaanse kunst. In de vier musea die deel uitmaken van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten worden ongeveer 20.000 schilderijen, sculpturen en tekeningen bewaard of tentoongesteld.
Op de Kunstberg stelt het Paleis voor Schone Kunsten, ook gekend als Bozar, zijn ruime zalen open voor exposities, concerten, dans en allerlei andere activiteiten. Op dezelfde locatie vinden we het Filmmuseum. Elke dag van het jaar worden er vijf filmklassiekers gespeeld. Ook het Stripmuseum in de Zandstraat is tot ver buiten Brussel bekend. Het is gehuisvest in een prachtig gebouw van de hand van Victor Horta. Bovendien bepaalt de stripwandeling her en der in Brussel het straatbeeld, met uitvergrote strips op blinde muren. Natuurlijk mag ook de Muntschouwburg niet in het lijstje ontbreken: het gerenommeerde operahuis behoort tot de beste van Europa.
Naast die Belgische klassiekers zijn er heel wat bekende Brusselse cultuurhuizen die specifiek vanuit de Vlaamse gemeenschap zijn ontstaan. Door de jaren heen heeft de Vlaamse gemeenschap een netwerk van culturele initiatieven uitgebouwd dat het Brusselse stads- en cultuurleven mee vorm geeft en extra pit bezorgt. Aan die rol van de Vlaamse gemeenschap is overigens een museum gewijd : het Archief en Museum van het Vlaamse leven te Brussel (AMVB). Dat museum bewaart en bestudeert bovendien de archieven van heel wat Vlaams-Brusselse organisaties. Opvallend veel van die Vlaamse culturele instellingen zijn intussen gevestigde waarden, vaak gehuisvest in prachtig gerestaureerde historische locaties. En ze hebben nog iets gemeen: ze gaan de dialoog aan met de andere taal- en cultuurgemeenschappen in Brussel en werken er – soms heel intens – mee samen .
Zo vinden we in de kanaalzone, aan de Sainctelettesquare, het Kaaitheater . Dat kunstencentrum focust sinds jaar en dag op vernieuwend theater, dans en concerten. Naast eigen producties gaat ook veel aandacht naar coproducties. Het Kaaitheater ontvangt ook grootschalige producties met internationale allure uit binnen- en buitenland. Het theater beschikt dan ook over een van de grootste scènes van Brussel. Voor kleinere producties wijkt het uit naar de nabijgelegen Kaaitheaterstudio’s, gevestigd in een voormalige geuzebrouwerij. Het was in het Kaaitheater dat Anne Teresa De Keersmaeker een podium vond in het begin van haar carrière. Intussen is haar dansgezelschap Rosas het huisgezelschap van de Munt. Uit die samenwerking is ook de internationale dansschool P.A.R.T.S. ontstaan.
Wat dichter bij het centrum vinden we de Koninklijke Vlaamse Schouwburg , kortweg KVS. In de historische schouwburg, een van de oudste en mooiste theatergebouwen van Brussel, brengen de eigen huisacteurs en -regisseurs theater voor een breed publiek, maar ook buitenlandse voorstellingen en gezelschappen vinden er een podium. De KVS verliest daarbij de stedelijke realiteit niet uit het oog, wat bijvoorbeeld resulteert in producties in samenwerking met allochtone buurtjongeren.
Vlakbij de Grote Markt en de Beurs bepaalt de Beursschouwburg het straatbeeld. Hier ligt de nadruk op de vermenging van disciplines en genres, van kunst en dagelijks leven, van lokaal en internationaal talent. De Beursschouwburg ondersteunt en stimuleert jong talent en schrikt er niet voor terug om experimenteel werk uit binnen- en buitenland een podium te bieden. Dans, performance, muziek, theater en alle mogelijke mengvormen: in de Beursschouwburg kan het allemaal.
Een ander cultuurhuis centraal in de stad is de intussen bijna legendarische concertzaal Ancienne Belgique, op de Anspachlaan. Lou Reed, The Cure, Red Hot Chili Peppers stonden er op het podium, maar ook Vlaamse rock, wereldmuziek en andere genres worden er geprogrammeerd. Voor intiemere concerten is er de Club. Een andere trekpleister is het Flagey gebouw, dat onderdak biedt aan het Vlaams Radio Orkest, het Vlaams Radio Koor en de Nederlandstalige Brusselse media. De artistieke werking richt zich op beeld en muziek en overstijgt de gemeenschappen. In de toekomst kan Flagey uitgroeien tot een Vlaams kunstencentrum dat openstaat voor andere culturen.
Muntpunt, de hedendaagse verblijfsbibliotheek en hoofdstedelijk informatiecentrum in wording, zal niet alleen het rijke Vlaamse aanbod in onze hoofdstad uitdrukkelijk in de kijker zetten, maar tegelijk een gezicht geven aan Vlaanderen in Brussel en aan Brussel in Vlaanderen. Behalve een moderne bibliotheek wordt het een baken van en voor de Vlaamse gemeenschap, voor de Vlaams-Brusselse organisaties én voor hun gebruikers. Muntpunt, een gezamenlijk initiatief van de Vlaamse Regering en het College van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, opent zijn deuren in november 2011.
Vanzelfsprekend heeft ook de Franstalige gemeenschap haar cultuurhuizen in Brussel, met als bekendste het Théatre National op de Emile Jacqmainlaan, de Hallen van Schaarbeek en de Botanique. De Vlaamse en Franstalige culturele instellingen werken overigens geregeld samen aan producties en evenementen. Een voorbeeld van zo’n samenwerking is het internationale literatuurhuis Passa Porta in de Dansaertstraat, een gezamenlijk initiatief van de literaire verenigingen Het Beschrijf en Entrez Lire.
Naast de Hoofdstedelijke Openbare Bibliotheek, waarvan de kernopdracht wordt geïntegreerd in Muntpunt, hebben de meeste Brusselse gemeenten een eigen Nederlandstalige bibliotheek. U vindt alle adressen hier.
Naast de gevestigde huizen ontstaan er in het levendige Brussel voortdurend nieuwe initiatieven. Daarvan valt vaak niet eens meer te zeggen uit welke taalgemeenschap ze zijn ontstaan. Een van de opvallendste van de laatste jaren is Recyclart , dat vanuit het in onbruik geraakte station Brussel Kapellekerk een brede waaier aan sociaal-artistieke activiteiten ontplooit. Dat gaat van muziek, clubbing, multimedia over beeldende kunsten en design tot workshops, opleiding en wat ze zelf ‘verovering van de openbare ruimte’ noemen.